Officiele rapportage wachttijden genderzorg
Welke instanties publiceren wachttijden voor de Nederlandse genderzorg en hoe vaak gebeurt dat?
Bronnen
De belangrijkste officiele bronnen voor wachttijden zijn:
- Periodieke Kamerbrieven over transgenderzorg van het ministerie van VWS.
- Voortgangsbrieven van de Kwartiermaker Transgenderzorg (opdracht van oktober 2018 tot eind 2022).
- Jaarverslagen van Amsterdam UMC, Radboudumc en Curium-LUMC.
- Jaarrapportages van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ).
- NZa-publicaties over wachttijdtransparantie en treeknormoverschrijding.
- Rapporten van Zorginstituut Nederland over pakket- en effectiviteitsbeoordeling.
Gedocumenteerde cijfers
In 2022 was de gemiddelde wachttijd voor kinderen en jongeren 35 weken bij ggz-aanbieders en 132 weken bij de genderpoli's van de umc's (bron). Voor de hormoonbehandeling zelf noemde Amsterdam UMC in oktober 2026 een wachttijd van één maand (bron).
Vergelijkbaarheid
Cijfers van aanbieders zijn niet zonder meer optelbaar, omdat een deel van de wachtenden zich bij meer dan één aanbieder inschrijft. SiRM telde voor 2022 circa 9.300 wachtenden (bruto) en na correctie voor dubbelingen circa 6.900 unieke wachtenden, met een gemiddelde wachttijd van bijna twee jaar (bron). Voor een uitsplitsing per locatie zie per kliniek en voor de splitsing tussen fasen intake versus behandeling.
Hiaten in officiele rapportages
Voor specialistische genderzorg aan jeugdigen onder de 18 zijn volgens een kabinetsantwoord van december 2024 geen actuele cijfers over aantallen wachtenden en gemiddelde wachttijden bekend, omdat die landelijk niet worden bijgehouden (bron). In het onderzoek van de kwartiermaker stond bijna de helft van de 727 respondenten bij twee of meer aanbieders op een wachtlijst (bron).
Bronnen
NZa wachttijden
Rijksoverheid transgenderzorg