genderzorgnederland.nl

burgerinitiatief — monitor genderzorg

Aanbod genderzorg voor kinderen in Nederland

Burgermonitor
Deze pagina is een burgermonitor en geen overheidsinstantie. Gegevens uit publieke protocollen, IGJ en internationale rapporten.

Volgens de Gezondheidsraad kunnen kinderen met gendervragen in eerste instantie terecht bij de huisarts en via doorverwijzing bij de reguliere ggz, en is voor jongeren met genderdysforie eerst psychologische zorg aangewezen (bron). Puberteitsremmers kunnen worden gegeven als de puberteit is gestart en nog niet te ver is gevorderd (Tannerstadium 2 of 3) (bron). De Cass Review noemt sociale transitie (naamsverandering, kleding, voornaamwoorden) een actieve interventie die aanzienlijke effecten kan hebben op het psychisch functioneren en de uitkomsten op langere termijn (bron).

Wat het aanbod inhoudt

  • Eerste aanspreekpunt: de huisarts en de reguliere ggz (bron).
  • Psychologische zorg eerst; somatische zorg pas na uitgebreide diagnostiek en indicatiestelling door een multidisciplinair team (bron).
  • Brede beoordeling: de Cass Review beveelt screening op neurologische ontwikkelingsstoornissen zoals autisme en een beoordeling van de psychische gezondheid aan (bron).

Internationale wending

De Cass Review (UK, 2024) schrijft dat sociale transitie binnen de NHS gezien moet worden als een actieve interventie, omdat zij aanzienlijke effecten kan hebben op het psychisch functioneren en de uitkomsten op langere termijn, en acht het mogelijk dat sociale transitie in de kindertijd het verloop van de ontwikkeling van de genderidentiteit verandert (bron). De Review vindt dat bij kinderen een voorzichtiger benadering nodig is dan bij adolescenten (bron).

Desistance-cijfers

Volgens de Cass Review bleef in eerdere studies bij ongeveer 15 procent van de kinderen die voor de puberteit waren aangemeld de genderincongruentie bestaan tot in de volwassenheid, en werden de meeste van deze kinderen als volwassene homoseksueel of biseksueel zonder transgenderidentiteit; die studies zijn bekritiseerd omdat niet alle kinderen een formele diagnose hadden, en latere studies bij kinderen die wel aan de diagnostische criteria voldeden vonden doorzettingspercentages van 10 tot 33 procent (bron). In een Nederlandse follow-upstudie van 77 kinderen die op 5- tot 12-jarige leeftijd waren verwezen, was op 16-jarige of oudere leeftijd 43 procent niet meer genderdysforisch en 27 procent nog wel; 30 procent reageerde niet of was niet te traceren (Wallien en Cohen-Kettenis, 2008) (bron).

De Cass Review over sociale transitie bij kinderen

De Cass Review vindt dat bij kinderen een voorzichtiger benadering nodig is dan bij adolescenten, omdat sociale transitie in de kindertijd mogelijk het verloop van de ontwikkeling van de genderidentiteit verandert, en raadt aan flexibel te blijven (bron). Volgens een synthese in dezelfde review had 9 procent van de naar genderklinieken verwezen kinderen en jongeren een autismediagnose (bron). Zie ook comorbide autisme.

Externe bronnen

Cohere Finland

palveluvalikoima.fi

SBU Zweden

sbu.se

Sundhedsstyrelsen DK

sst.dk

Zie ook: Curium LUMC en cijfers per leeftijd.