genderzorgnederland.nl

burgerinitiatief — monitor genderzorg

Spijt-percentage na genderbehandeling

Hoe vaak melden mensen spijt na medische genderbehandeling? Cijfers verschillen sterk per definitie van "spijt".

Burgermonitor
Spijt is een breed begrip: van algemene twijfel tot verzoek om medische omkeer. Onderzoek hanteert verschillende definities.

Cijfers uit literatuur

De vaak geciteerde studie van Wiepjes e.a. (2018, Amsterdam UMC) meldt spijt bij 0,6 procent van de transvrouwen en 0,3 procent van de transmannen die een gonadectomie hadden ondergaan, in een cohort van 6.793 personen uit de periode 1972-2015 (bron). Een meta-analyse van Bustos e.a. (2021) van 27 studies met 7.928 mensen die een genderbevestigende operatie ondergingen kwam uit op een gepoolde prevalentie van spijt van 1 procent (95%-betrouwbaarheidsinterval minder dan 1 tot 2 procent) (bron). Een analyse van alle aanvragen voor juridische en chirurgische geslachtsaanpassing in Zweden tussen 1960 en 2010 vond 15 aanvragen tot omkering, 2,2 procent (bron). De Cass Review schrijft dat het percentage mensen dat na hormoonbehandeling detransitioneert onbekend is (bron).

Belangrijke studies

  • Wiepjes e.a. (2018): 0,6 procent (transvrouwen) en 0,3 procent (transmannen) spijt na gonadectomie.
  • Bustos e.a. (2021, systematisch overzicht en meta-analyse, 27 studies, n=7.928): gepoolde prevalentie van spijt na genderbevestigende chirurgie 1 procent.
  • Dhejne e.a. (2014, Zweden): onder alle aanvragers van juridische en chirurgische geslachtsaanpassing in 1960-2010 waren er 15 aanvragen tot omkering (2,2 procent); het aantal nam in de tijd significant af.
  • Cass-rapport (2024): spijt en detransitie zijn moeilijk vast te stellen uit kliniekgegevens, doordat mensen uit beeld raken, de tijd tot detransitie volgens clinici 5 tot 10 jaar bedraagt en de stijging van het aantal aanmeldingen in 2014 begon.
  • Littman (2021) en Vandenbussche (2022): enquêtes onder zelfgeïdentificeerde detransitioners (100 en 237 deelnemers); uit zulke steekproeven zijn geen percentages af te leiden.

Methodologische beperkingen

Volgens de Cass Review keren mensen die detransitioneren mogelijk niet terug naar de genderkliniek en raken zo uit beeld; volgens clinici uit de volwassenenzorg duurt het 5 tot 10 jaar voordat iemand detransitioneert (gemiddeld 7 jaar in een audit van 40 patiënten van de Tavistock-kliniek), terwijl studies hun deelnemers korter volgen, en lag het omslagpunt van de stijging van het aantal aanmeldingen in 2014 (bron). De Gezondheidsraad schreef in 2026 dat over het aantal gevallen van spijt geen definitieve conclusies te trekken zijn, door de veelal korte follow-upduur en de substantiële uitval in studies, en dat een deel van de mensen die stoppen, spijt hebben of in detransitie gaan dat niet aan hun zorgverleners meldt (bron). Volgens de Cass Review is de huidige groep een ander cohort dan de groep uit eerdere studies (bron).

Wat dit voor de burger betekent

Het vaakgehoorde cijfer van 0,6 en 0,3 procent komt uit het Amsterdamse cohort van 1972 tot 2015 en betreft spijt na gonadectomie (bron). De Gezondheidsraad schrijft dat gegevens over de lange termijn ontbreken (bron). Voor een breder beeld zie detransitie-percentage.

Bronnen